| Toon
van Heusden, de homo's en de kerk
Op 14 Augustus 1993 overleed Pater Toon van Heusden,
Montfortaan te Berg en Dal, op 83-jarige leeftijd.
Van die 83 jaar had hij er meer dan 25 besteed aan de zorg
voor homoseksuele mannen en lesbische vrouwen.
Hij deed dat op een heel eigen manier. Nadat hij in zijn
gewone pastoraat een aantal malen met (toen nog) het probleem homoseksualiteit
in aanraking was gekomen, is hij zich via de literatuur in de stof gaan
verdiepen. Naast de destijds bestaande voorlichtings- en wetenschappelijke
werken, gebruikte hij daarvoor ook het proza van literaire auteurs als
(toen nog) G.K. van het Reve en Jean Genet. Niet lang daarna kwam hij
in contact met de zielzorgers Brussaard, Klamer en Gottschalk, geestelijken
die er net als Toon van Heusden achter waren gekomen dat de Kerken schromelijk
tekort schoten in hun zorg voor de homoseksuele naaste (zoals dat toen
nog heette).
Brussaard, Klamer en Gottschalk richtten de Kringen op, Van Heusden ging
naar de kroeg. Want dáar, meende hij, kwam hij direct met de mensen
in contact. Hij wachtte niet af tot ze zich bij hem meldden, hij zocht
ze op. Inmiddels had zijn provinciale overste hem vrijgesteld van ander
werk om Toon zich geheel aan zijn nieuwe, zelfgevonden taak te laten wijden.
over geschiedenis van homoseksualiteit en katholiciteit
in Nijmegen.
Toon van Heusden meed de confrontatie niet. Hij bevaderde
zowel de gelovige als de ongelovige homo's en lesbo's, ging waar nodig
de strijd aan met hun ouders (ooit is hij met een zeis of een riek achternagezeten
door een boze boer, wiens zoon bij Toon om hulp had gevraagd), en hij
ontliep evenmin het gevecht met de kerkelijke instanties die niet van
zijn inzet gediend waren.
In de praktijk kwam het erop neer, dat de Kerk hem niet
steunde, maar mgr Bluyssen zei hem: ’Vraag mij niets, maar doe wat
je doen moet.' De net benoemde maar nog niet gewijde bisschop Bär
telefoneerde op een avond onverwacht met Van Heusden om hem toe te blaffen
dat hij zijn boekje te buiten ging.
Toon van Heusden vond ondertussen zijn mensen en ving ze
op. Hij werd een geziene figuur binnen de homo-/lesbische beweging, al
heeft hij in de eerste jaren heel wat verbale gevechten moeten voeren
met diegenen die niet van een kerkelijke bemoeienis met hun beweging gediend
waren. Toon meed ook met hen de confrontatie niet en stak evenmin zijn
mening onder stoelen of banken: wie naar zijn idee de emancipatiedoelstellingen
schaadde of zijn Kerk zwart maakte, kreeg de volle laag van hem, wat overigens
een paar goede grappen en een borrel toe niet in de weg stond bij het
besluit van de discussie. Tenzij je hem écht beledigd had, want
dan kon hij giftig zijn en vuur spuwen, al had hij daar later vaak op
een ontwapenende wijze spijt van.

Vlak voor zijn dood werd Toon nog onderscheiden.
De burgemeester van Groesbeek speldt hem het ereteken op.
(foto: AnStalpers@fotografica-nijmegen.nl)
Buiten de beweging ging Toon van Heusden op pad om voorlichtingen
te geven. Veelal aan vrouwen, van de Katholieke Plattelandsvrouwen Organisatie
(KPO), van het NKV of het Katholiek Vrouwengilde, maar ook aan de jongeren
en, zij het minder vaak, aan de mannen van die clubs, en aan de protestantse
versies ervan. Met de homo's en lesbo’s die hem vergezelden bij
deze voorlichtingen heeft hij gedurende vermoedelijk meer dan drieduizend
bijeenkomsten door het hele land met humor en mildheid ongelooflijk veel
gedaan voor de acceptatie van de homoseksualiteit. Daarnaast publiceerde
hij zijn ideeën, trad hij op voor radio en televisie
(de Duitse tv maakte eind jaren zeventig een documentaire over hem),
en probeerde hij de pastores te bekeren en te instrueren.

Felicitaties door Mart Jansen (foto: Hans Dircks)
Wat Toon van Heusden interessant maakte, naast zijn dag
en nacht bereikbaar zijn, zijn enthousiasme, zijn humor en zijn grote
moed, was zijn persoonlijke inzet. Toon maakte er geen geheim van dat
hij zelf homoseksueel was, al had hij gevoelens nog niet ontdekt voor
zijn homopastoraat. Trouw aan zijn celibaat verkondigde hij zijn overtuiging
en beleed in één adem zijn eigen enthousiasme voor de schoonheid
van jongens, zonder dat men hem daarop aanviel. Sterker nog, de plaatselijke
pastores die hem bij voorlichtingsavonden de voet dwars wilden zetten,
sloeg hij er een in hun ogen sterk wapen mee uit handen: hij was ze voor,
zoals Toon in veel zijn confraters voor geweest is. En ook de tegenwerping
dat Van Heusden zich buiten de Kerk plaatste pareerde hij. Zo hij iets
was, was hij trouw aan zijn Kerk, al heeft ze hem veel verdriet gedaan.
Maar in het dispuut wist hij wel waar de gaten in het dogmatieke net te
vinden waren, hij kende zijn bijbel en schuwde geen enkele retorische
wending om te overtuigen. Nee, hij ging de Kerk niet uit, maar hij schudde
wel aan de pilaren, zoals hij zelf zei, met humor en overtuiging.

Kersvers ridder eet een gebakje (foto: Hans Dircks).
Toon van Heusden zal zeer velen in de herinnering als een
moedige, een strijdlustige, een geestige en een warmhartig mens. Zijn
laatste jaren, toen hij al moeilijk ter been was, bleef hij trouw en toegewijd
aan de beweging. Was er iets in de Villa te vieren, dan was Toon er ook.
En wat was hij trots op de Villa, die hij een beetje als zijn werkstuk
beschouwde. Voor mij zijn dat de trefwoorden rond Toon van Heusden: trouw,
trots en toewijding, in alles en voor alles. Dat Villa Lila als daad van
toewijding en trouw een jaarlijkse lezing naar hem vernoemd heeft, zou
Toon van Heusden met terechte en gepaste trots vervuld hebben.
Cees van der Pluijm
over Toon van Heusden op de site van Cees van der Pluijm.
Op de site van Cees van der Pluijm staat ook "De
Verheffing", uitgeproken op 8 maart 1986 in Villa Lila, bij de
viering van het gouden priesterfeest van Toon van Heusden.
over de Toon van Heusden lezingen.
over de Grootste Nijmegenaar (2000)

Terug naar "Geschiedenis"
|