Afscheidsbijeenkomst Hans van
de Riet
Afscheidsrede 1
(Helm de Laat, Directeur Villa Lila)
Dames en heren,
Als directeur van Villa Lila heet ik u allen welkom in ons huis. Vader,
broer en zus, naaste verwanten van Hans. Vrienden en vriendinnen, huidige
en vroegere collega´s uit de holebi beweging, de politiek en misschien
ook wel de Hogeschool waar Hans vroeger gewerkt heeft en natuurlijk ook
de huisgenoten van Hans´ laatste woon- en verblijfplaats.
Andra moi ennepe mousa polutropon hos mala polla plangtei. Zo luidt in
oud Grieks de eerste zin van de Odyssee. Muse vertel me van de man die
zoveel heeft meegemaakt. Dat is de eerste zin van een van de oudste gedichten
van onze beschaving. In deze eerste zin vraagt de dichter om verhalen
uit de grote reis van de held van het verhaal. Vandaag is Hans de held
van het verhaal.
Het vertellen van verhalen staat aan de wieg van onze beschaving. Het
vertellen van verhalen is onderdeel van onze condition humain, een van
de essentiële dingen die ons tot mensen maakt. Als ik iets van Hans
in herinnering zal houden is het zijn vermogen om te verhalen.
In de verhalen beschrijven we de werkelijkheid of beter onze eigen verhouding
tot die werkelijkheid. Kennelijk hebben we een onbedwingbare behoefte
om de werkelijkheid niet alleen mee te maken maar om er iets naders mee
te doen. We moeten de werkelijkheid een plek geven in ons leven.
We proberen wat er gebeurd is in een verhaal vast te leggen, al dan niet
geschiedkundig goedgekeurd. Een verhaal kan een geheugensteun zijn.
We gebruiken verhalen om de werkelijkheid te verklaren: het is zo want
het was altijd al zo. Of in dit geval is zo omdat dit of dat zo was.
Het verhaal over de helden en heldinnen van het verleden helpt ons om
onze kinderen in bedwang te houden en weer een nieuwe generatie op te
voeden.
Middels onze verhalen proberen we de mensen die ons dierbaar zijn de
al te onaangename werkelijkheid te verzachten. Zo heeft waarschijnlijk
ooit, lang geleden, een verhalen verteller ineens zoiets als een hiernamaals
bedacht. Een succesverhaal; want al geloof er zelf niets van, je kunt
niet ontkennen dat het verhaal al millennia veel troost geschonken heeft.
We gebruiken verhalen ook om elkaar te vermaken.
Afhankelijk van de functie van een verhaal wordt daarin de werkelijkheid
nogal eens geweld aangedaan: de werkelijkheid wordt bij voorbeeld ontdaan
van de enge en vervelende kantjes. We liegen een beetje om bestwil. Op
een dag als vandaag doen we dat bijvoorbeeld wat meer omdat het bij een
gelegenheid als deze past om verhalen wat mooier te maken. Ik zal niet
nalaten hierin Hans goede voorbeeld te volgen en ik wil jullie vragen
je niet onbetuigd te laten...
Want laten we er niet om heen draaien. Hans was zeer vaardig in het vertellen
van verhalen en aangezien zijn gehechtheid aan de waarheid over de werkelijkheid
geringer was dan zijn behoefte om te vermaken en –laten we dat niet
vergeten- te moraliseren zitten we wel met een hoop verhalen opgescheept
van Hans over Hans avonturen waarin vermeende moraliteit, waan en werkelijkheid,
en dat dan ook nog eens in tal van varianten, gemengd zijn.
Zo kent u waarschijnlijk allemaal wel zijn verhaal dat hij en ik in de
vroege jaren zeventig de enige mannen waren die op crisisvergaderingen
van de lokale lesbisch feministische beweging werden uitgenodigd. Dat
is een mooi verhaal. En het is waar dat Hans en ik ooit bij zo´n
crisisberaad aanwezig mochten zijn op voorwaarde dat we ons zeer terughoudend
zouden gedragen en onze mond zouden houden… U raadt het al. Het
is bij die ene uitnodiging gebleven. Maar dat doet niets af aan de kwaliteit
van het verhaal.
Vandaag draaien we het om. Wij gaan elkaar verhalen vertellen om de werkelijkheid
van de dood van Hans een plek te geven in ons leven.
Verhaal elkaar wat je met Hans hebt meegemaakt. Vertel je verhaal. We
zijn vandaag getuige van een heel bijzondere gebeurtenis. We nemen afscheid
van een van de pioniers van de Nijmeegse holebi beweging. Verhaal erover
aan je vrienden en vriendinnen. Draag met al je verhalen ertoe bij dat
we deze legendarische man in herinnering zullen houden.
Dank u wel.
Helm de Laat
19 juli 2006
Afscheidsrede 2
(Thea, Fridy, Simon, Mieke en Bernadette van Hapert)
Hans is twee keer gestorven. In de zomer van 1984 en de afgelopen week.
Hans was de vriend van Jan van Hapert. 22 jaar geleden is Jan, onze broer
gestorven aan longkanker. Hans was zijn geliefde en heeft in die tijd
heel veel voor Jan betekend.
Hans, wij hebben jou toen leren kennen als een warm mens met een grote
innerlijke wijsheid. We hebben samen met jou gehuild, Jans’ adem
op gang gehouden, gelachen, gezwegen en gerouwd. En we hebben gezien hoe
jij toen voor een deel met Jan meegestorven bent.
Hans, bedankt dat Jan omringd door liefde heeft kunnen sterven. De eenzaamheid
waarin jij bent overleden doet ons dan ook enorm verdriet.
Hans, Jan heeft op zijn sterfbed een gedicht van Gerrit Komrij voor jou
uitgezocht, dat is voorgelezen op zíjn begrafenis. Dat wil ik nu
nogmaals op jóuw begrafenis voorlezen.
Tranen
Ook op de schouder van een stratemaker.
Grijnslacht de oehoe. Tranen worden dor.
Hoor, hoor. Ze breken open op je kaken.
Ze ritselen. Je hoort de tranen kraken.
Het interesseert een jonge god geen lor.
Je kijkt me aan, je ogen zijn als sintels.
Die in de asla smeulen als het wintert
Je lippen wijken aarzelend uiteen.
Het is of je de spanning wilt verbreken.
Er schiet een steekvlam in mijn rechterbeen.
Ik luister toe hoe je begint te spreken:
‘Zeg op, m’n jongenlief waar gaan we heen?‘
Gerrit Komrij uit: het Schip De Wanhoop.
1979
19 juli 2006.
Thea, Fridy, Simon, Mieke en Bernadette van Hapert.
Afscheidsrede 3
(John van den Broek) Klik daarvoor op deze
link:
Toespraak




foto's: Hans Dircks
|